Odin eerste winkelketen met bio-certificaat

0
54
Zowel het hoofdkantoor met de bezorgdienst en distributiecentra als de 27 winkels van Odin hebben nu een bio-certificaat.
Zowel het hoofdkantoor met de bezorgdienst en distributiecentra als de 27 winkels van Odin hebben nu een bio-certificaat. (Foto Odin)

ZWOLLE Odin is de eerste Nederlandse winkelketen met een bio-certificaat. Sinds kort staan ook verkooppunten van biologische producten onder controle van Skal. Het gaat bijvoorbeeld om kaas die ter plekke gesneden wordt, brood dat wordt afgebakken en om allerlei onverpakte producten als groenten, fruit en noten.

Odin is de eerste winkelketen die aan alle eisen voldoet. Zowel het hoofdkantoor met de bezorgdienst en distributiecentra als de 27 winkels hebben nu een bio-certificaat. Vanaf de oprichting in 1983 is groothandel Odin gecertificeerd. Als hoofd kwaliteitszorg kende Jeroen Moolenaar de Skal-regels al goed. ‘Maar je wilt dat iedereen die in je bedrijf werkt, ze ook snapt en begrijpt wat hij of zij moet doen en waarom. Het certificeringsproces dwingt je nog eens goed te kijken waar we die biologische status allemaal controleren, en wat we doen als blijkt dat er iets niet klopt.’

Ingrijpend
Het certificeren van de hele winkelketen bleek volgens Molenaar toch wel ingrijpend. ‘De meeste leveranciers worden door het hoofdkantoor geselecteerd en gecontroleerd. Maar filialen werken soms ook met lokale leveranciers die niet door het hoofdkantoor zijn geselecteerd. ‘Om aan de regels te voldoen moesten we in procedures vastleggen hoe filialen die lokale leveranciers moeten controleren. Sommige winkels liggen honderd kilometer van het hoofdkantoor vandaan. Dan moet je ter plaatse gaan kijken hoe dat verloopt. Je moet goed kunnen doorzien wat er precies op die winkelvloer gebeurt.’

Overigens stelt de NVWA de controle en registratie bij binnenkomst ook verplicht. ‘Net als een goede klachtenprocedure en -registratie. Skal controleert deze nu ook, wat maakt dat we daar iedereen binnen Odin nog eens extra op hebben gewezen.’

Herleidbaarheid
Behalve een uitgebreidere ingangscontrole is er ook meer aandacht voor de herleidbaarheid. ‘Je moet steeds bedenken: kloppen je etiketten? Dat gaat om het etiket dat op het product zelf zit, maar het gaat ook om de aanduidingen bij het product, dus de schapaanduiding of het bordje dat bij het product staat. Zo komen groenten en fruit vaak in een kist of doos binnen vanuit het distributiecentrum of van de leverancier. Wij verplaatsten de producten naar manden in de winkels, dan is het cruciaal dat er de juiste informatie bij staat en niet nog een oude aanduiding. Want dan is het niet meer herleidbaar, mocht een product toch niet aan de biologische eisen voldoen.’ Mocht er in een winkel iets ontdekt worden, dan moet dat door het hoofdkantoor opgelost worden. ‘Op het hoofdkantoor wordt bijvoorbeeld informatie in de systemen gezet die winkels in de kassa kunnen zien. Dat kunnen zij niet zelf veranderen.’

Werkbaar en zinvol
Afgelopen half jaar heeft Odin vijf nieuwe winkels geopend en het is de bedoeling de komende jaren verder uit te breiden. Daarom kwam het certificeringsproces volgens Moolenaar op een goed moment, omdat het hen dwong de het kwaliteitssysteem in de winkels opnieuw tegen het licht te houden. ‘Het is goed om de instructies die je je filialen geeft nog eens extra na te lopen en te kijken hoe de controles in de winkels verlopen.’
Moolenaar probeert er wel pragmatisch in te staan. ‘Ik zoek naar een werkbaar model dat de keten versterkt en de consument meer zekerheid geeft, zonder allerlei onnodige zaken. Ik probeer ervoor te waken dat we winkelteams opzadelen met veel extra werk, zonder dat het uiteindelijk veel oplevert. Het moet wel zinvol zijn.’

Reageer op dit bericht

Please enter your comment!
Please enter your name here