Aardpeer

0
420
Je komt de aardpeer ook wel tegen onder de naam topinamboer of Jeruzalem-artisjok. (Foto Erik van Huizen)

De aardpeer is zo’n beetje een vergeten groente geworden, maar hij is echt heerlijk en ook nog eens erg gezond. Je komt de aardpeer ook wel eens tegen onder de naam topinamboer of Jeruzalem-artisjok.

De aardpeer is familie van de zonnebloem. En dat kan je goed zien aan de hoogte en aan de mooie gele bloemen. De aardpeer wordt daarom ook wel knolzonnebloem genoemd. De officiële naam Helianthus tuberosus is afgeleid van het Griekse helios (zon) en anthos (bloem). De aardpeer is op zijn lekkerst als je hem vers eet, de knollen drogen namelijk snel uit. Je kan de aardpeer een paar dagen in de koelkast bewaren.

Darmflora
De zoete smaak van de aardpeer doet denken aan die van de artisjok. Je kan de aardpeer gekookt eten, maar ook rauw. Schillen is niet nodig, even de aardpeer met een groenteborstel onder stromend water schoonmaken is voldoende. Als je de aardpeer rauw eet, bijvoorbeeld geraspt in een salade, behoud je ook de stof inuline. Omdat dit stofje de bloedsuikerspiegel niet doet stijgen, zou inuline een goed effect kunnen hebben op mensen met diabetes type 2. Naast inuline bevat de aardpeer ook bifidobacteriën. Deze kunnen zorgen voor een gezonde darmflora.
De aardpeer bevat ook veel ijzer, fosfor, natrium, silicium, calcium en vitamine B1.

Makkelijk en veel
De aardpeer is makkelijk te verbouwen. De plant vergt weinig van de bodem, kan heel erg goed tegen vorst en de knollen vermeerderen zich snel. Je hebt dus zo een hele moestuin vol. Overigens is de woelmuis ook dol op de aardpeer. Maar als je er genoeg hebt, dan houd je er vast genoeg over voor eigen consumptie. En je kan de aardpeer zo ook gebruiken. Plaats ze rond de moestuin en de woelmuizen eten de aardpeer op in plaats van je andere plantjes.

Reageer op dit bericht

Please enter your comment!
Please enter your name here